Medische Risico’s en andere wetenswaardigheden rond duiken met kinderen
Kinderen zijn nog in ontwikkeling. Daarom is het belangrijk dat U als ouder of voogd
zich er terdege van bewust bent welke risico’s uw kind kan lopen bij het duiken met
perslucht.
Hieronder worden een aantal punten wat nader toegelicht.
Leeftijd:
Op welke leeftijd mag een kind met persluchtduiken beginnen? Medisch gezien is het
heel moeilijk hierover een uitspraak te doen. Simpelweg omdat er nog nooit op de
juiste manier onderzoek is gedaan naar dit onderwerp. Alle huidige adviezen zijn
gebaseerd op ervaringsfeiten, op analyse van ongevallen, op medische kennis over
kinderen in het algemeen en op ’gezond verstand’.
De Nederlandse Vereniging voor Duikgeneeskunde (NVD), een organisatie voor artsen
met kennis van en interesse in de duikgeneeskunde, adviseert een aanvangsleeftijd
van 14 jaar voor het duiken met perslucht. De NVD is van mening dat men hierbij niet
zorgvuldig genoeg kan zijn daar het risico’s en gezondheidseffecten betreffen die het
kind de rest van zijn leven mee kan dragen.
In tegenstelling hiermee is het bij veel (commerciële) duikorganisaties mogelijk om
vanaf een leeftijd van 8 jaar met perslucht aan de gang te gaan.
De PADI hanteert een minimale leeftijd van 12 jaar voor het duiken met perslucht in
buitenwater. Wel mag al eerder, onder deskundige begeleiding, met perslucht in het
zwembad worden gedoken.
Geestelijke ontwikkeling:
Elk kind is anders. Het ene kind zal op een leeftijd van 12 jaar veel meer dingen
kunnen begrijpen en verwerken dan een ander kind. Kijk maar in een schoolklas, er zijn
wijze vroegrijpe kinderen, maar ook kinderen die duidelijk wat kinderlijker zijn dan
hun leeftijdsgenoten.
In het belang van de duikveiligheid zal een kind een aantal basale dingen uit de
duiktheorie moeten kunnen begrijpen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het klaren van de
oren, het niet te snel opstijgen en de omgang met de apparatuur.
Tevens is een bepaalde mate van verantwoordelijkheidsgevoel van belang. Te onbezonnen
en te speels gedrag, dat natuurlijk kind eigen is, kan onder water gevaarlijke situaties
opleveren. Voorbeeld: kind zwemt in zijn enthousiasme achter een leuke vis aan en raakt
zijn buddy kwijt. Kinderen zijn vaak niet goed in staat om de gevolgen van een bepaalde
handeling te overzien. En wanneer er iets mis gaat zijn ze niet in staat om logisch te
redeneren zoals een volwassene dat kan.
Het belangrijkste is dus niet de kalenderleeftijd, maar de geestelijke rijpheid van het
kind.
Duikmedische keuring:
Voordat een kind in het buitenwater mag duiken met perslucht moet er een duikmedische
keuring plaatsvinden. Deze keuring is overeenkomstig met de keuring voor volwassenen.
Echter moet de keuring worden verricht door een arts die zowel verstand heeft van de
duikgeneeskunde als van kinderen.
Bij het duiken met perslucht in het zwembad kan meestal een vragenlijst volstaan. Zijn
er echter lichamelijke of geestelijke problemen bij het kind, dan is een keuring ten
zeerste aan te raden. Willen de ouders helemaal op veilig spelen, dan is een keuring bij
aanvang van het persluchtduiken in het zwembad aan te raden. Hiermee kun je ook de
teleurstelling voorkomen die kan ontstaan als een kind na jaren van spelen met perslucht
in het zwembad alsnog wordt afgekeurd voor het duiken met perslucht in het buitenwater.
Onderkoeling:
Vergeleken met volwassenen hebben kinderen ten opzichte van hun lichaamsinhoud een
groter lichaamsoppervlak. Daardoor zullen ze in koud water sneller afkoelen dan
volwassenen.
Ook in de zwembadsituatie, het bassinwater is immers geen 37 graden, kan dit al een
rol spelen. Eventueel kan uw kind in het zwembad een shorty of tropenpak dragen.
Bij het buitenwaterduiken moet het neopreenpak goed passen. Een pak kopen ’op de
groei’ is onverstandig.
Klaren van de oren:
De oren van kinderen zijn anders dan bij volwassenen. De buis van Eustachius is de
verbinding tussen het middenoor en de neusholte. Bij het klaren van de oren wordt deze
verbinding geopend, zodat het middenoor op druk gebracht kan worden. Bij kinderen loopt de
buis van Eustachius meer horizontaal dan later in het leven. Ook is de buis smaller. Het
gevolg hiervan is dat klaren moeilijker gaat.
Door de andere ligging van de buis van Eustachius is het kind tevens gevoeliger voor
het ontwikkelen van een middenoor ontsteking. Dit heeft op zijn beurt weer een negatief
effect op het klaren.
Extra aandacht voor het klaren van de oren, voor en tijdens het snorkelen of het duiken
met perslucht, is dus bij kinderen erg belangrijk. Bij een verkoudheid of oorontsteking
moet het kind afgeraden worden onder water te gaan.
Botgroei:
Over de invloed van duiken op de botgroei bij kinderen is veel gespeculeerd. Bij elke
duik ontstaan er kleine stikstofbelletjes die schade kunnen aanbrengen aan gevoelige
weefsels in het lichaam. Bij beschadiging van de groeischijven van het bot, welke functioneel
zijn tot in de late puberteit, kan dit leiden tot een verminderde botgroei. Uit de praktijk
zijn hierover geen gegevens bekend.
PFO:
Een ander punt is de eventuele aanwezigheid van een PFO. Een PFO, patent foramen ovale,
is een opening tussen de rechter en de linker boezem van het hart. Voor de geboorte is bij
ieder mens deze opening aanwezig. Kort na de geboorte vindt sluiting plaats en verandert de
bloedsomloop in het lichaam doordat de longen gaan functioneren. Echter niet bij iedereen
vindt volledige sluiting plaats. Bij een aanzienlijke groep mensen blijft de verbinding
aantoonbaar open. Bij kinderen is dit vaker het geval dan bij volwassenen. Er worden getallen
genoemd van meer dan 30%. Mensen hebben hier normaal gesproken geen last van.
Het gevolg van het PFO is dat aderlijk bloed met stikstofbellen rechtstreeks terug kan
stromen naar het slagaderlijk gedeelte van het hart, zonder dat deze bellen in de longen
worden verwijderd. De stikstofbellen komen weer terug in de grote circulatie waardoor de kans
op decompressieziekte toeneemt.
Emotionele aspecten:
Voor een ouder is het duiken met een eigen kind spannend en leuk. De emotionele betrokkenheid
met het kind zal echter veel groter zijn dan met een willekeurige buddy uit de vereniging.
Bij een eventueel ongeval kan dit een grote rol spelen. Ouders moeten zich vooraf realiseren
dat het heel moeilijk zal zijn helder te denken en de reddingshandelingen te doen die geleerd
zijn, bij een slachtoffer om wie iemand veel geeft. Omgekeerd kan van een kind ook niet verwacht
worden dat hij zijn volwassen buddy adequaat kan helpen in een ongevalsituatie.
Duikongevallen:
Als laatste kan nog genoemd worden dat de hulpverlening in Nederland vrijwel geen ervaring
heeft met duikongevallen bij kinderen. Zo zijn er bijvoorbeeld geen specifieke
decompressietabellen beschikbaar voor het behandelen van een kind in de decompressietank.
Het duiken met kinderen zal dus, nog meer dan bij volwassenen, gericht moeten zijn op het
voorkomen van duikongevallen. Het aanpassen van de duikduur en de duikdiepte is een
belangrijke voorzorgsmaatregel die genomen kan worden.
Bron: Nederlandse Onderwatersport Bond